Waarom een Gentse website begint bij de juiste doelgroep
Gent heeft twee economische zwaartepunten die ver uit elkaar liggen. Aan de zuidkant zit de kennisas: UGent, het Wetenschapspark Ardoyen in Zwijnaarde en de biotechcluster rond Tech Lane Ghent. De spin-offs daar leven vaak op de fles van een investeerder en hebben snel een geloofwaardig, Engelstalig verhaal online nodig.
Aan de noordkant loopt de Kanaalzone naar Terneuzen: staal, assemblage, chemie, op- en overslag. Het is een wereld van gevestigde familiebedrijven en onderaannemers waar de winst zit in orderopvolging en planning, niet in een mooie homepage. Tussen die twee polen leeft een derde Gent: de bureaus, horeca en handelszaken van het centrum en The Loop. Een Gentse website begint dus met de vraag in welke van die drie logica's u werkt.
Ook de taal vraagt een keuze. Het dagelijkse zakenleven verloopt in het Nederlands, maar onderzoekers, investeerders en industriële klanten verwachten vaak Engels. Daarom kiest een site eerst een hoofdtaal voor het kernpubliek en voegt hij de andere talen toe met correcte hreflang-tags. Daarnaast gelden de gewone Belgische basisregels: het ondernemingsnummer in de juridische vermeldingen en cookies volgens de GDPR.
