Twee economieën achter elke Brugse website
Brugge is eigenlijk twee economieën in één gemeente. Binnen de reien draait alles rond bezoekers: hotels, B&B's, restaurants, gidsen, chocolatiers en kleinhandel. Hun publiek komt grotendeels uit het buitenland en zoekt en boekt dus in het Engels, Frans of Duits. Een Brugse website voor een hotel moet daarom eerst een toerist op zijn gsm overtuigen.
Tien kilometer noordelijker ligt Zeebrugge, met de roro-terminals, de auto-overslag, de containerkades en de transportzone, plus de offshore-windsector die er haar onderhoudsschepen aanmeert. Die twee werelden vragen het tegenovergestelde van een digitaal project: de ene wil zichtbaarheid, meertaligheid en een vlekkeloze boeking op de telefoon, de andere wil planning, opvolging en koppelingen achter de schermen. Een bezoeker van de binnenstad en een expediteur in de achterhaven verwachten dus iets totaal anders. Wij bedienen allebei, maar we behandelen ze niet hetzelfde.
In de horeca maken enkele details het verschil: dezelfde openingsuren en hetzelfde adres op de site en in Google, snelle pagina's op mobiel en cookiebeheer volgens de GDPR. Aan de havenkant ligt de prioriteit eerder bij gegevensuitwisseling met logistieke partners en e-facturatie via Peppol. Die basis leggen we al bij de eerste oplevering.
